Corona. Niemand had kunnen denken dat het zó heftig zou worden.
Heftig, eens te meer omdat wij in ons Nederlandje al zo lang veilig zijn dat we haast niet beter weten.
Natuurlijk, er gebeurt wel eens wat.
Maar geen natuurrampen waar duizenden mensen door omkomen.
En geen oorlog die ons massaal op de vlucht jaagt naar het buitenland.
Bovendien dachten – denken? – we dat we met behulp van de almachtige wetenschap alle bedreigingen van ons leven inmiddels wel de baas zijn.
Wij kunnen alles! Corona heeft de poten onder de stoel van onze veiligheid en onder de stoel van onze almacht doorgezaagd.
Corona heeft een schok teweeggebracht, ook al hebben we dat misschien nog niet zo door.

Iets anders is als corona onze hele wereld op z’n kop heeft gezet.
Omdat door de coronacrisis ons bedrijf failliet is gegaan.
Omdat we ontslagen zijn.
Omdat we ziek zijn geworden en nog steeds last hebben van restverschijnselen.
Omdat we niet meer naar buiten kunnen.
Omdat we geen andere mensen meer kunnen ontmoeten.
Omdat iemand van wie we hielden door corona overleden is.

Ik geloof niet dat ons geloof alle problemen, al ons verdriet, al onze angstige onzekerheden als sneeuw voor de zon laat verdwijnen.
God is, zo denk ik dan, geen grote tovenaar die dat waar we hinder van hebben – simsalabim –  wegtovert.
Het geloof, God, geeft kracht om te dragen wat onvermijdelijk is.
En dat komt overeen met de geloofservaring van velen, met die van mij.

De kunst van leven en geloven is volgens mij om balans te houden.
Om niet in uitersten te vervallen.
Om niet te doen alsof corona niets voorstelt.
Om niet te doen alsof corona het einde van de wereld is.
Om niet te doen alsof de coronamaatregelen je gelukkig maken.
Om niet te doen alsof de coronamaatregelen een einde maakt aan alle levenszin.

Meer dan eens is het mij opgevallen dat voor stervenden het de kleine dingen zijn die het doen.
Als het eropaan komt, zijn het de kleine dingen die blij maken.
Het zijn dan de kleine dingen waarvan genoten wordt.

Persoonlijk ben ik erg dankbaar voor deze levensles die stervenden mij hebben geleerd.
Ik raad het dan ook iedereen aan om je deze vaardigheid eigen te maken, zo snel mogelijk.
Juist nu de coronamaatregelen ons begrenzen is het waardevol om je ogen en oren te oefenen om het ongewone van het alledaagse op te merken.
Om je te verwonderen over het gewone.
Om te genieten.
Om dankbaarheid te ervaren.
Over een bloemetje dat bloeit in de voegen tussen de tegels.
Over een vogeltje dat op z’n kop aan een vetbolletje hangt.
Over de rode luchten bij een ondergaande zon.
Over een telefoontje van een vriendin die je al jaren niet gesproken hebt.
Over het dagelijkse blokje om, met iemand hand in hand.
Over een bruine boterham met kaas.
Over ontelbare kleine dingen die het doen.

0 reacties

Een reactie versturen

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.