De Olympische Spelen zijn bijna ten einde; het eind-aantal medailles is bijna bekend, de spanning rond de Nederlandse schaatsers bijna voorbij. Wat leefden we mee met Joep Wennemars. Hij was op weg naar het brons, maar door een aanraking met zijn tegenstander verloor hij luttele seconden en zag het brons aan hem voorbijgaan. Hij kreeg nog een herkansing, maar een half uur pauze was te kort om nog eens zo’n tijd neer te zetten. Grote teleurstelling.

Misschien herinnerde je je ook nog de verkeerde wissel van Sven Kramer in 2010. Halverwege zijn rit lag hij op schema om goud te behalen. Zijn coach gaf hem de verkeerde baan door. Pas na zijn rit in een geweldige tijd hoorde hij van de verkeerde wissel. Verslagen liep hij rond; niet verslagen door een tegenstander, maar door regels.

Olympische sport is een harde leermeester en er gelden ook harde regels.

Paulus gebruikt ook  regelmatig sporttermen. Zo zegt hij in de brief aan Timotheüs: “Een atleet wordt niet gelauwerd als hij zich niet aan de regels houdt.” 2 Timotheüs 2: 5.

Waarom gebruikt Paulus deze vergelijking? Wil hij zeggen dat wij als christenen ons strikt aan de regels moeten houden en anders verloren gaan? Gaat het daarbij om de Tien Geboden, de Bergrede? Dat zou een onmogelijke eis zijn. Even genadeloos als de sport.

In 2 Timotheüs 2 begint Paulus met de oproep om sterk te zijn in de genade van Jezus Christus. Halverwege in vers 9 zegt hij: “Houd Jezus Christus in gedachten.” Hij sluit af met de woorden: “Als wij Hem ontrouw zijn, blijft Hij ons trouw.”

Daarmee geeft Paulus ons de hoofdregel van de Koninkrijksspelen aan.
Die regel luidt: wanneer wij in het leven een misslag maken of ten val komen, verkeerd wisselen: keer terug naar de genade in Jezus Christus.
Wat een genadige regel! Wij verdienen het niet en toch zullen wij gelauwerd worden.

0 reacties