‘Wie zal ons leiden?’, luidt de vraag.

Een sterke leider? Een dienstbare leider? Een goede herder? Een leraar? Binnen het christendom heten leiders vanouds ‘herders’ en ‘dienaren’ te zijn. In streekromans en andere literatuur komen kerkelijke leiders en vooral dominees er vaak slecht af. Gelukkig heeft een dominee in een plaatselijke gemeente niet zoveel macht meer in de huidige tijd. Haar of zijn leiderschap moet aansluiten bij het alledaagse leiderschap van de gemeenteleden zelf. Een leider die solidair is met de achterban en tegelijk ook leiding kan geven aan een heilzame toekomst.

Dat kan grote spanning oproepen, voor de leider in kwestie, maar ook voor de achterban.
Dat vraagt om een voortdurende  dialoog. In de zuiverste betekenis van het woord. Zo’n gesprek vormt altijd een spanningsveld. Dialoog komt van het Griekse dia-legomai wat betekent dat alle deelnemers aan het gesprek gelijke rechten hebben. Waardoor de meest waardevolle elementen uit het gesprek gebruikt worden voor het opbouwen van een nieuwe visie.

De filosofe Hanna Arendt legt in dit verband de nadruk op de vrijheid van de individuen om hun individueel verschillende krachten te gebruiken om zo samen een gemeenschap te vormen. In zulke gemeenschappen wordt leiderschap in dienst gesteld van verbond en belofte en het erkennen van de pluraliteit. Machtsongelijkheid speelt geen rol meer. Iedereen wordt beoordeeld op eigen mogelijkheden. Hanna Arendt waarschuwt in dit verband ook voor het banale kwaad. Dat ligt vooral op de loer waar totalitaire leiders de achterban manipuleren. Dan zal de afhankelijke mens geen inspraak hebben.
Gedeeld begrip speelt geen rol meer, de dialoog stopt

Maar wat nu als we naar leiderschap kijken zoals dat in de Bijbel aan de orde komt? Bij Jezus natuurlijk, maar ook bij Mozes of bij koning David. Die laatste is een bijzonder leider. Een man die op dat gebied veel fouten maakt en toch een koning naar Gods hart is. David is een succesvolle guerrillastrijder, die de macht over het hele volk verovert. Hij is, naast een charismatisch leider, ook een krijgsheer zonder genade.

In 2 Samuël 6: 1-22 vinden we het verhaal van David die de ark van God terugbrengt naar Jeruzalem. Hij is dan op het toppunt van zijn macht. Hij bedenkt opeens: ‘O ja er was nog een heilige kist van God.’ En met een indrukwekkend deel van zijn krijgsmacht reist hij naar de plaats waar die kist min of meer vergeten werd bewaard door een grootgrondbezitter. David spant de kist op zijn karretje en wil de kist, die hij de troon van God noemt, met groot militair machtsvertoon naar zijn woonplaats brengen. De militaire kapel voorop. Hij rijdend als grote machthebber voorop, de praalwagen met de kist daarachter. En opeens dreigt de kist te vallen. Een man, Uzza genaamd, schiet toe en wil de kist voor vallen behoeden. Maar hij valt dood neer.

David zet de hele ceremonie stop. Hij beseft dat niet Uzza een fout heeft gemaakt waardoor hij door God gestraft wordt, al lijkt dat misschien zo. David beseft dat hij zélf in de fout is gegaan. En dat daardoor een onschuldig slachtoffer is gevallen. Hij gaat in retraite, drie maanden lang.

Dan weet hij wat er is misgegaan. Hij heeft met zijn hele organisatie van deze ceremonie alle door God gegeven regels overtreden en daardoor is er een onschuldig slachtoffer gevallen. Het blijkt in dit verhaal niet om Gods regeltjes te gaan, maar om iets wat veel fundamenteler is. Hij heeft zichzelf alle eer gegeven. Hij heeft God op zijn karretje gespannen.


Wanneer hij dat beseft, herstelt hij de orde. Het symbool van het goddelijke (de kist) moet op handen worden gedragen. Zonder militair vertoon. En vooral niet tot meerdere glorie van de machthebber David. En zo ziet de stoet er heel anders uit. Er klinkt religieuze muziek.

Koning David gaat gekleed in een priesterhemd als dienaar van God voorop. Lopend en dansend. Hij staat in dienst van. Hij voert priesterlijke handelingen uit. Uitsluitend tot meerdere glorie van God en vooral ten behoeve van zijn onderdanen, al diegenen die van hem afhankelijk zijn.

 

Zo zien we in dit verhaal echt leiderschap. Leiderschap dat zich bewust is van de gevolgen van het eigen handelen van degene die macht heeft. Leiderschap waar de grote leider zich ervan bewust is dat door zijn handelen onschuldige slachtoffers kunnen vallen. Zulk leiderschap kent de eigen verantwoordelijkheid hierin en is bereid genomen beslissingen te herzien. Leiderschap dat gekenmerkt wordt door de wil om op eenmaal genomen beslissingen terug te komen, processen stop te zetten, een andere weg in te slaan en de dialoog weer in ere te herstellen.

Leiderschap in dit Bijbels perspectief, zou dat mogelijk zijn?

Dorothea Timmers-Huigens

1 Reactie

  1. Tiny Dekker

    mooi als we zo naar ons eigen handelen kunnen kijken, zou het in onze wereld al een stuk beter gaan.

Een reactie versturen

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.