Wat me opviel en wat ik heel bijzonder vond, was het feit dat het vijfde werk van barmhartigheid, ‘de zieken verzorgen’, niet vermeld staat in het Eerste Testament. Ziekte werd – en wordt door sommigen nog steeds – gezien als een straf van God. Maar in het Nieuwe Testament wordt des te nadrukkelijker de genezing van de zieken beschouwd als een teken van de zending van Jezus.


Vroeg of laat overvalt ziekte ons allemaal. Voor sommigen is het te dragen kruis zwaarder dan voor anderen. Heel zwaar wordt het wanneer men zijn kruis alleen moet dragen: als bezoekers het laten afweten, als er niemand is om de gedachten mee te verzetten of de zorgen mee te delen. Want een luisterend oor doet soms meer dan het beste pilletje..

Niet voor niets luidt het gezegde ‘gedeelde smart is halve smart’. Dat geldt volgens mij zeker ook voor mensen die ziek zijn. Beproevingen worden lichter als men hulp heeft en ze kan delen met een ander.  

Jezus kreeg hulp van Simon van Cyrene op Zijn zware weg naar Golgotha. Simon kon de pijn en ellende niet wegnemen, maar hielp Hem wel zijn pad lichter te maken, ondanks dat de uitkomst niet zou veranderen. Dankzij de hulp van Simon kon Jezus Zijn lotsbestemming vervullen en de mensheid verlossing brengen.

De therapie van Jezus is op de eerste plaats ‘het nabij-zijn’, de verbondenheid zijn. Jezus geneest niet enkel de ziekten, maar Hij geneest vooral de zieken.

Hij geeft de mens weer terug aan zichzelf. 
Hij brengt de zieke weer terug naar de gemeenschap, zoals de melaatsen en zoals Zacheüs..

Maar hóe bezoeken we de zieken? Is het slechts een (lastige) plicht? Of wil men bezorgdheid en verbondenheid met de patiënt/ de zieke tonen? Is het altijd werkelijk een bezoek?
Het werkwoord ‘bezoeken’ komt van ‘zoeken’. Ik zoek de ander. Je zoekt de ander die ziek is dus op.

Zieken bezoeken is in de stilte durven gaan… is de mond durven houden. Het is zwijgend in de onmacht durven staan, wetend dat er voor eenzaamheid, gekwetst en ziek zijn, geen sluitende, pasklare antwoorden, laat staan oplossingen bestaan. Het is het durven zien van angst en twijfel bij de zieke, maar meer nog bij jezelf soms. Omdat je je machteloos voelt. Het is zwijgend stille getuigenis geven, getuigen van de (terugkerende nieuwe) hoop en het vertrouwen op Gods zorg.

Soms zegt stilte, de stille aanwezigheid van de bezoeker meer dan 1000 woorden.
Stilte versterkt het weten dat het verdriet wordt meegevoeld en dat je het met die ander wilt delen. Stilte zegt ook dat je niet alles kunt doen wat je wel zou willen doen.
Uit persoonlijke ervaring weet ik dat die bijzondere stilte voelt als een arm om je heen, een arm die troost en hoop biedt.

Cor Koevoets

0 reacties

Een reactie versturen

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.