Ken je de website www.debijbel.nl? Zo niet, dan is het zeker de moeite waard om daar eens naar toe te browsen. Het is een initiatief van het Nederlands en Vlaams Bijbelgenootschap. Vorig jaar rond deze tijd verscheen daar een serie artikelen over advent op. Dit jaar overigens ook. Een serie geschreven door vijf theologen over advent en Kerst in coronatijd.

Ik wil je graag deelgenoot maken van de bijdrage ‘Vrede op aarde – so what?’ van Bert Roebben, naar aanleiding Lukas 1: 26-38.

Zijn artikel is nog net zo actueel als een jaar geleden.

Nic Rijnbende

Vrede op aarde – so what?

‘Vrede op aarde’. Een heerlijke, jaarlijks terugkerende kerstwens. We nemen hem zo graag in de mond, maar wat maken we ervan waar? Lees de krant er maar op na: in het noordelijk halfrond ligt een vaccin tegen corona in meerdere doses per persoon klaar. Het zuiden blijft in de spreekwoordelijke kou staan. ‘Vrede op aarde voor alle mensen van goede wil’? Echt? Ook als er geen ‘vaccin op aarde voor alle mensen van goede wil’ voorhanden is?

Machteloos?
Wat kan een mens eraan doen, hoor ik jou en mezelf (!) zeggen. Machteloosheid maakt zich van ons meester. Misschien beschermen we maar best onszelf en blijven we ‘in ons kot’, in plaats van het beetje veerkracht dat ons nog rest te verspillen aan de zogenaamde wereldvrede. Die krijgen we toch niet voor elkaar. Daar moeten onze politieke leiders zich maar om bekommeren. Zo loopt ongeveer de interne monoloog met onszelf.

In het Lukas-evangelie (1, 26-38) van de vierde adventszondag wordt dit dovemansgesprek met onszelf doorbroken. In het verhaal bezoekt de engel Gabriël Maria en kondigt haar de geboorte van haar zoon aan, die zij de naam Jezus moet geven. ‘Hij zal een groot man zijn en Zoon van de Allerhoogste worden genoemd. (…) Hij zal eeuwig koning zijn over het huis van Jakob en aan zijn koningschap zal geen einde komen’ (vers 32-33).

Geen oplossing uit de hemel
Kwam hij nog maar eens terug, die koning, hopen sommigen, om eindelijk recht te doen geschieden en de wereld ultiem te genezen. Maar zo loopt de heilsgeschiedenis niet. Net zomin als corona een straf is van God (iets wat sommigen halsstarrig blijven beweren), komt ook de oplossing niet uit de hemel vallen. Wij mensen zijn opgevorderd een oplossing te bedenken. Aan ons om een competent medisch (en ethisch!) oordeel te vormen over de bestrijding van corona en over de tijd post-corona. Paus Franciscus zei in het voorjaar van 2020: ‘Dit is niet de tijd van [Gods] oordeel, maar van ons oordeel (…). De storm ontmaskert onze kwetsbaarheid en brengt die valse en nodeloze zekerheden aan het licht waarmee we onze agenda’s, onze plannen, onze gewoonten en prioriteiten hebben opgebouwd.’ Het oordeel, de keuze, ligt bij ons. Ook al neemt deze pandemie ogenschijnlijk onmetelijke proporties aan.

Ja-woord
Het antwoord op de uitdaging ligt ook in onze handen. Net zoals bij Maria. Ofschoon het voor haar menselijk gezien onmogelijk leek om moeder van de Zoon van God te worden, geeft ze haar ja-woord: ‘Mij geschiede naar uw woord’ (v. 38, NBG51). Ze bevestigt het woord dat haar overkomt met een antwoord, waaruit haar ver-antwoord-elijkheid blijkt. Het Griekse woord genoito, hier vertaald als ‘geschiede’, betekent zoveel als: ‘Het moge gebeuren’ of ‘Ik verlang ernaar dat het gebeurt’. Maria overstijgt het standaardantwoord dat zovelen vandaag in de mond nemen: ‘Wij zullen wel zien’ of ‘Eerst zien en dan geloven’. Neen. Zij gelooft en ziet op een nieuwe manier wat haar te doen staat.

Onlangs hoorde ik een dame uit het Nabije Oosten verklaren dat het zo vaak gebruikte ‘okay’ in het Perzisch vertaald wordt als ‘bâshe’, wat zoveel betekent als ‘het zij zo’. Geen louter vrijblijvend en enthousiast ‘ja’ of ‘natuurlijk’, maar een woord met een ondertoon van ‘het zij zo’: ‘Ik hoop dat ik het kan waarmaken, dat het mag gebeuren’. Dat is precies de strekking van Maria’s antwoord. Zij verlangt naar de verwezenlijking van het woord en kiest er bewust voor zich daarvoor in te zetten. Mocht zij vandaag antwoorden op de vraag van de engel Gabriël, dan zou ze dat misschien doen met de woorden van het mooie kerklied: ‘Als een woord zijt gij gegeven, als een nacht van hoop en vrees, als een pijn die ons geneest, als een nieuw begin van leven.’

Actie
Wij blijken in korte tijd effectieve vaccins te kunnen ontwikkelen. Wij kunnen ze ook wereldwijd en volgens verdelende rechtvaardigheid ‘uitrollen’, zoals dat in vaktaal heet. Het is een kwestie van ja zeggen en ernaar te handelen. Naast de vele vormen van ‘kleine goedheid’ (boek van Roger Burggraeve) die het verschil kunnen maken in deze tijd, horen ook de grote beslissingen tot ons antwoord op de crisis. Het verhaal van de aankondiging aan Maria legt dit profetisch-kritisch karakter van ons geloof bloot. Aan ons om dichtbij en veraf, rechtstreeks en onrechtstreeks, ons ja-woord uit te spreken. Zoals Maria. ‘Mij geschiede naar uw woord’.

Bert Roebben

Theoloog en docent aan de universiteit van Bonn. In het voorjaar schreef hij Volharden in de broosheid. Spiritualiteit in tijden van corona (Antwerpen, Halewijn).
Dit bericht is geplaatst op zaterdag 19 december 2020 op www.debijbel.nl, zie:
https://debijbel.nl/bericht/4e-advent-vrede-op-aarde-so-what-overwegingen-bij-de-vierde-adventszondag

3 Reacties

  1. Alida

    Maakt me nieuwsgierig naar het boek: “de kleine goedheid” van Burggraeve om in kleine kring samen te lezen.

  2. Nic Rijnbende

    Goed idee Alida! Misschien iets voor het voorjaarsprogramma van Prikkel? Ik doe mee.

  3. Lieke

    Zou graag meedoen met het samen lezen van dit boek van Burggraeve.

Een reactie versturen

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.