De sobere liturgische schikking staat ook op deze tweede zondag van de 40 dagen tijd in het teken van de opdracht die Mozes krijgt. De jute ondergrond en de paarse doek geven de slavernij en het lijden weer van het volk in ballingschap.
God geeft Mozes de staf als teken van vertrouwen op zijn terugweg naar Egypte.  Een symbool van houvast. Op de berg van God krijgt hij hulp van Aaron, zijn broer (twee bloemen).
De hedera (klimop) geeft aan dat het goed komt, het houdt de herinnering vast van wat is beloofd.
De weg die ze zullen gaan is  geen geplaveide weg, de knoesten en stenen zijn zichtbaar.