De basis voor de adventsschikkingen bestaat uit een driehoekige vorm waarom heen elke week een nieuwe krans wordt geschoven.
De eerste cirkel van stekelig groen symboliseert de bescherming voor de kudde.
Kuddes worden van oudsher verzameld binnen een omheining, vaak een omheining met prikkeldraad, om de dieren te beschermen tegen gevaar.
De krans symboliseert de omheining, heeft een prikkelend uiterlijk, waardoor de schapen (bolletjes wol) zich veilig kunnen verzamelen.
Micha beschouwt de mensen als een kudde die bescherming dient te krijgen.
De drie steunen zijn sterk genoeg om te dragen en geven de Drie-eenheid weer.